De Hors



De Horsmeertjes (Horspolders):
Deze twee duinmeren vormen een verdronken duinvallei die ontstaan is door het leggen van een stuifdijk ten zuiden daarvan.
Ze worden onderling gescheiden door een stuifdijk in noord-zuid richting. Ze hebben brede rietkragen.
Het zijn gebieden met een bijzondere flora en fauna. Onder andere veel vogels. In de brede rietkragen broeden bijv.
bruine kiekendief, blauwborst, roerdomp en baardmannetje. De laatste twee soorten staan op de zogenaamde ‘Rode Lijst’, een
lijst van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten.

Dit ga je zien

Startpunt: Mokweg
1797 Den Hoorn
Eindpunt: Mokweg
1797 Den Hoorn

Beschrijving

Startpunt: Mokweg
1797 Den Hoorn

Volg het verharde weggetje dat hier zuidwestwaarts het duin in gaat.
. Het is de blauwe route (daarnaast ook geel-rode markering van het
. streekpad WaddenWandelen).
- Ga even rechtsaf het schelpenpaadje op naar een mooi uitzichtpunt.
. Je kijkt daar mooi over de Geul, een afgesnoerde strandvlakte.
. Veel vogels o.a. een broedkolonie lepelaars.
. Het struweel om je heen bestaat uit DuindoornGewone vlier, 
Hondsroos ,Dauwbraam en Wilde kamperfoelie
- Teruggekeerd op je route. let je op een grote vloedpaal met rode kop.
. Deze geeft aan waar in 1910 de vloedlijn lag.
- Sla 50 m voorbij de vloedpaal rechtsaf (ook weer blauwe route) een
. duinrichel op. Je hebt daar een mooi. overzicht over de beide
. Horsmeertjes.. Ze zijn ontstaan rond 1970.
- De eerstvolgende 1500 m lopen we door een aantal vochtige 
. duinvalleitjes, omzoomd door Kruipwilg- en Duindoornstruweel. 
- We steken een hoge duinenrij over.
. Hier vandaan heb je een mooi uitzicht over het westelijke 
. Horsmeertje
.
- Iets verder naar het zuiden kom je bij de Kreeftepolder.
. Deze jonge, natte duinvallei is ontstaan rond 1980. 
. ( 's Zomers kun je de vallei probleemloos oversteken, maar 's winters
. staat er water.)
- Er loopt een voetpaadje (niet gemarkeerd) over de valleibodem
. zuidwaarts.
- Vervolgens klimt het tegen de steile helling van de hoge duinenrij 
. omhoog (dit is de zeereep; een voormalige stuifdijk).
. Ga over dit pad tot bovenop deze hoge duinenrij.
. Hier heb je zuidwaarts een prachtig uitzicht over een grote 
. oppervlakte. met jonge helmduintjes.
- Nu maak je een wilde doorsteek (struin je ) door deze jonge
. helmduintjes.
 ongeveer zuidwaarts. 
. Oriënteer je m.b.v. de stand van de zon of de windrichting. 
- Uiteindelijk bereik je een grote vlakte, waar je rechtsaf (westwaarts)
. gaat.
. ( De omvang en vorm van deze strandvlakte wisselt sterk onder
. invloed. van de zee, maar het gebied groeit nog voortdurend. )
- Ongeveer bij paal 8 aangekomen, zie je in de zeereep een wegwijzer
. van de gele paaltjesroute ( tevens staat daar een 
geel-rode markering van het streekpad WaddenWandelen).
. Volg de gele route ongeveer een kilometer en loop daarna verder 
. oostwaarts over de blauwe route tot aan de parkeerplaats.


De MokbaaI:
- Ze dankt haar naam aan de diepe geul ( Mok genaamdmidden in
. die baai.
Door de aanwezigheid van een smalle kwelderstrook, wadplaten,
. een mosselbank en de diepe geul ( de Mok) wordt de baai ook wel
. omschreven als de Waddenzee in het klein. 
- De Mokbaai is een belangrijke foerageerplek voor watervogels.
. Bij eb scharrelen er duizenden wadvogels rond. Denk aan steltlopers,
. ganzen, eenden, meeuwen en sterns. 
- De Mokweg, die langs de baai loopt, is ooit aangelegd om het 
. opwaaiende. zand vanaf de Hors op te vangen. De baai dreigde 
. namelijk te verzanden.
. ( In de 18 de eeuw was de Mok een.ankerplaats voor zeeschepen 
. die bij Texel lagen te wachten voor vertrek. In het Pompevlak was
. toentertijd een drinkwaterput voor de scheepsbemanning.)


De Geul:
- De Geul is een natte duinvallei tussen twee duinenrijen in.
. Ze was aanvankelijk in het oosten verbonden met de zee. 
. Na de afsluiting in 1921 kon er geen zoetwater uit de Geul meer naar
. zee stromen en werd de Geul steeds natter. Er is nu zelfs een 
duinmeer.
- Rond eind februari keren hier de lepelaars terug uit Afrika.
. 's Zomers broeden er in het riet rond het meer enkele honderden 
. paartjes. 
. Het aan- en afvliegen is goed te zien vanaf het uitzichtpunt aan 
. de Mokweg.
- De Geul is ook populair bij roofvogels als de bruine - en
blauwe kiekendief.
- En aan de westkant broedt een grote meeuwenkolonie. Je vindt hier 
zilvermeeuwenstormmeeuwen en kleine mantelmeeuwen.
- Ook zijn er grote grazers: Schotse hooglanders en exmoorpony's.
- In deze duinvallei komt veel duindoorn voor. De vrouwelijke planten
. dragen in het najaar de bekende fel oranje zure bessen.
. Het is een belangrijke plant voor het duin: ze draagt bessen die 
. gegeten worden door trekvogels en brengt via wortelknolletjes
. voedingsstoffen (stikstof) in de bodem.
. Hierdoor groeien in de buurt van duindoorns dichte vlierbosjes en
. een bodembegroeiing van brandnetelsoorten, bitterzoet en
dauwbraam.


De Horsmeertjes (Horspolders):
- Deze twee duinmeren vormen een verdronken duinvallei die 
. ontstaan.is door het leggen van een stuifdijk ten zuiden daarvan.
. Zeworden onderling gescheiden door een stuifdijk in noord-zuid
. richting. 
- Ze hebben brede rietkragen.
- Het zijn gebieden met een bijzondere flora en fauna.
- Onder andere veel vogels. In de brede rietkragen broeden bijv.
bruine kiekendiefblauwborstroerdomp en baardmannetje
. De laatste twee soorten staan op de zogenaamde ‘Rode Lijst’, een
. lijst van bedreigde en kwetsbare vogelsoorten.

De Kreeftepolder:
- De Kreeftenpolder is een natte duinvallei. 
..
Ze is door een hoge duinenrij ( voormalige stuifdijk) van de 
. strandvlakte
 gescheiden.
- In de Kreeftepolder bevindt zich een stormmeeuwenkolonie. 
- 'Kreeft' verwijst naar de opzichter van Rijkswaterstaat , Jaap Kreeft, 
. die bij de aanleg van de polder de leiding had.


De Hors: 
- De Hors ligt in de zuidpunt van Texel en bestaat uit een zeer brede
strandvlakte. Deze strandvlakte is ontstaan doordat er in het verleden
..steeds zandplaten zich in de richting van Texel verplaatsten en er ten 
. slotte aan vast groeiden ( halverwege de 18e eeuw de Hors en begin 
. 20e eeuw de Onrust).
- In drogere tijden kan het zand landinwaarts verstuiven en het strand 
.. ophogen. Voorwerpen op het strand , zoals schelpen en aanspoelsel,
. kunnen het stuifzand in hun luwte vasthouden.
- Het is een weergaloos landschap dat in een winterstorm fors kan 
. veranderen. 
- Je kunt op deze aangroeikust goed zien hoe nieuwe duintjes ontstaan.
. Achter aanspoelsels blijft zand liggen, waarin biestarwegras kan
. kiemen.
.. Meestal verdwijnen deze graspollen weer als tijdens storm de 
. zandvlakte onder water staat. Maar als ze het volhouden gaan ze zand
. vangen en ontstaan er miniduintjes.
.. Die worden hoger en hoger, als er maar aanvoer van zand is. 
.. Als de duintjes zo groot zijn dat ze het zoete regenwater vasthouden, 
.. kan er helm gaan groeien. Dat gras vangt veel meer zand en de 
.. duinvorming gaat nu versneld door. 
.. Hoger op de Hors ze je veel van deze jonge helmduintjes.
- Op de kale strandvlakte broeden hier en daar dwergsterntjes.
. Men heeft die plekken afgezet met touwen. Die mag je niet betreden.

Eindpunt: Mokweg
1797 Den Hoorn

Mis niets!

Ontvang het laatste nieuws, de mooiste verhalen en de leukste routes van VisitWadden.